De gemiddelde leeftijd van een Belgische wagen bedraagt momenteel meer dan tien jaar, zo blijkt uit recente cijfers van automobielfederatie Febiac. Deze ‘vergrijzing’ van ons wagenpark komt door economische onzekerheid en de transitie naar elektrisch rijden. Toch maken veel automobilisten een dure fout: ze blijven te lang een hoge premie betalen voor een wagen die al sterk in waarde is gedaald. De 4-3-4 regel helpt je om op tijd de juiste keuze te maken.
In het kort
- Jaar 0-4 (full omnium): essentieel voor nieuwe wagens om de volledige cataloguswaarde te beschermen bij totaal verlies of diefstal.
- Jaar 4-7 (mini-omnium): de ideale balans tussen prijs en bescherming tegen glasbreuk, brand en diefstal wanneer je auto fors begint af te schrijven.
- Vanaf jaar 7 (BA): de wettelijk verplichte basisverzekering volstaat vaak omdat de premie van een omnium niet meer opweegt tegen de lagere dagwaarde.
Welke verzekering past bij jouw auto?
Voor je de regel toepast, moet je weten wat je opties zijn:
- BA-verzekering (Burgerlijke Aansprakelijkheid): dit is de wettelijk verplichte basis. Je bent hiermee gedekt voor schade die je aan anderen toebrengt. Schade aan je eigen voertuig betaal je zelf.
- Mini-omnium: een slimme uitbreiding. Je bent beschermd tegen diefstal, glasbreuk, brand en aanrijdingen met dieren. Eigen foutieve schade aan je auto is niet gedekt.
- Full omnium: de meest complete bescherming. Naast alles uit de mini-omnium vergoedt deze ook de schade aan je eigen wagen, zelfs als je zelf een fout maakt bij een ongeval.
De 4-3-4 regel in de praktijk
De eerste 3 à 4 jaar: De full omnium-fase
Heb je een nieuwe wagen? Dan is een full omnium onmisbaar. Tijdens de eerste 24 tot 36 maanden krijg je bij een totaal verlies (perte totale) vaak nog de volledige catalogusprijs terug. Maar let op: na gemiddeld vier jaar gaat de afschrijving sneller. De hoge premie die je betaalt, weegt dan vaak niet meer op tegen het bedrag dat de verzekeraar nog uitkeert bij schade.
In je autoverzekeringscontract staat exact aangegeven welk afschrijvingspercentage wordt toegepast om de waardevermindering van je auto te berekenen. Hoe langzamer dat percentage daalt en hoe trager de waardevermindering, hoe interessanter het is om je omnium toch 4 jaar te houden.
De volgende 3 jaar: tijd voor een mini-omnium
Is je wagen tussen de drie en vier en zeven jaar oud? Dan stap je best over naar de mini-omnium. Deze formule is gemiddeld een derde goedkoper dan de volledige omnium, terwijl je wel goed beschermd blijft tegen zaken als glasbreuk of diefstal. Omdat je auto op deze leeftijd nog een mooie waarde heeft, is dit de meest rendabele keuze voor je portemonnee.
Na 7 jaar: terug naar de basis (BA)
Zodra je auto ouder is dan zeven jaar, is de marktwaarde meestal flink gezakt. Extra betalen voor een verzekering tegen diefstal of eigen schade is dan vaak weggegooid geld. In deze fase volstaat de verplichte BA-verzekering. Je betaalt de laagste premie, wat perfect past bij de lagere dagwaarde van je voertuig.
Let op: het ideale moment om te wisselen hangt altijd af van je specifiek contract en de staat van je auto. Check daarom regelmatig je mogelijkheden door je autoverzekering te vergelijken.
