Over het algemeen kan je tot 90% van de aankoopsom lenen voor je woning. In de praktijk lenen jonge starters gemiddeld 85% van het bedrag. Dat betekent dat je bijna 80.000 euro aan eigen middelen nodig hebt voor de aankoop van een gemiddelde woning. In Brussel loopt dat bedrag voor starters zelfs op tot ruim 130.000 euro. Hoe krijg je zo’n bedrag bij elkaar?
IN HET KORT
- 80.000 tot 130.000 euro: dit is het gemiddelde bedrag aan eigen middelen dat je nodig hebt als je 35 jaar of jonger bent.
- Sparen: door langer thuis te wonen en te werken, kan je tot 1.000 euro per maand opzijzetten.
- Familiale steun: klop aan bij je (groot)ouders voor een schenking, bankgift of een onderhandse lening.
In de jaren 2010 kon je als starter nog vaak meer dan 90% van de aankoopprijs van een woning lenen. Maar intussen legde de Nationale Bank strengere regels op voor de woonleningen die banken maximaal mogen toekennen. Vandaag beslaat maar nog 24% van de woonleningen meer dan 90%, aldus de Nationale Bank. Voor starters mag je tegenwoordig eerder rekenen op gemiddeld 85%, stelt Notaris.be.
Over hoeveel eigen inbreng gaat het dan?
Wie 35 jaar of jonger is, betaalde volgens Notaris.be in 2025 gemiddeld 376.031 euro voor een woning in Vlaanderen. Bij een lening van 85% komt dit neer op een eigen inbreng van 56.404,65 euro. Maar let op: daar stoppen de kosten niet.
Wanneer het gaat om je eigen en enige woning die je aankoopt met registratierechten, komen er nog extra kosten bij:
- Aankoopkosten: naar schatting 12.514,30 euro.
- Dossierkosten: maximaal 350 euro.
- Aktekosten voor het krediet: ongeveer 8.345,57 euro.
Dit brengt het totaal op 77.614,52 euro. Daarbovenop komt ook nog de verplichte schuldsaldoverzekering. In Brussel liggen de cijfers nog hoger. Voor een gemiddelde woning van 513.677 euro heb je in totaal maar liefst 132.157,59 euro aan eigen middelen nodig.
Op zoek naar een geschikte saldoverzekering? Vergelijk schuldsaldoverzekeringen via Mijnvergelijker.be.
Hoe krijg je die eigen middelen bijeen?
Als je na je studies bij je ouders blijft wonen terwijl je al werkt, kan je vaak 1.000 euro per maand sparen. Na drie jaar heb je zo al 36.000 euro verzameld. Heb je tijdens je studententijd ook vakantiejobs gedaan? Dan is je spaarpot waarschijnlijk al groter.
Daarnaast kunnen je (groot)ouders misschien helpen bij de aankoop van je woning. Mogelijk kan je ook bij je ouders en grootouders aankloppen voor financiële ondersteuning. Zij kunnen dan een bankgift doen. Als ze die niet laten registreren, betaal jij er als ontvanger geen schenkbelasting op. Tenzij diegene die aan jou schonk, binnen de zogenaamde ‘verdachte’ periode overlijdt. In dat geval voegt de fiscus het bedrag van de schenking aan de erfenis toe en betaal jij er als erfgenaam erfbelasting op. Zowel in Vlaanderen als Brussel bedraagt die periode tegenwoordig vijf jaar.
Met een beetje geluk legden jouw ouders ook al een spaarpot voor jou aan. Bijvoorbeeld met het bedrag van de kinderbijslag of het Groeipakket, zoals die maandelijkse financiële ondersteuning tegenwoordig in Vlaanderen heet. Je ouders zouden dat bedrag elke maand via een beleggingsplan kunnen beleggen, samen met de geboortepremie.
Of je gaat een lening bij je ouders aan
Dat is ook een mogelijkheid, die volgens Notaris.be vaak voorkomt. Mogelijk zijn je ouders daar meer voor te vinden, omdat ze veronderstellen dat ze het geld op latere leeftijd zelf weer nodig zullen hebben. Het beste leggen jullie samen alle modaliteiten van de lening op papier vast, zoals de looptijd en de maandelijkse aflossing.
Toch eerst bij de bank aankloppen? Vind een passende woonlening via Spaargids.be, het onderliggende financiënluik van Mijnvergelijker.be.
Lees ook:
Rente op woonlening bedraagt al 4%
Wat als jij en je partner niet evenveel inbrengen voor de woonlening?